Werknemer heeft concurrentiebeding overtreden – veroordeling tot nakoming

auteur: Maud de Bruijn

De rechtbank Dordrecht heeft recent uitspraak gedaan in een kwestie over het wel of niet overtreden van een concurrentiebeding door een ex-werknemer. Ik stond de werkgever bij, een onderneming gericht op het uitrusten, gereedmaken en ondersteunen van (luxe) jachten.

Eén van haar werknemers had zijn arbeidsovereenkomst opgezegd met als doel bij een directe concurrent van de werkgever in dienst te treden. Dit heeft de werkgever niet toegestaan en dit ook meermaals uitdrukkelijk aan de werknemer op voorhand laten weten. Toch is de werknemer bij de concurrent in dienst getreden. De werkgever is vervolgens een procedure bij de kort gedingrechter gestart om ervoor te zorgen dat de werknemer het concurrentiebeding alsnog zou nakomen. Met succes.

De rechter overweegt dat de werknemer daadwerkelijk bij een concurrent in dienst is getreden – iets wat in rechte door de werknemer werd bestreden – en overweegt daarnaast dat hij door deze indiensttreding ook daadwerkelijk het concurrentiebeding schendt. Er worden immers door de werknemer exact dezelfde werkzaamheden bij de concurrent uitgevoerd als hij bij de werkgever deed, ook al doet de werknemer nu voorkomen dat dit niet zo is. Daarnaast stelde de werknemer dat de werkgever geen rechten mocht ontlenen aan het concurrentiebeding, omdat het niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Dit standpunt had de werknemer volstrekt niet onderbouwd. Integendeel: er is juist een succesvol mediationtraject geweest en er is een coachingstraject gestart, zodat het op de weg van de werknemer had gelegen om nader te onderbouwen waarom hij desondanks van mening is dat sprake was van een onveilige werksituatie. De door hem overgelegde anonieme verklaring van een ex-medewerker onderbouwt dit niet, sterker nog, die wordt zelfs uitdrukkelijk. Al met al kan de werkgever – terecht – rechten ontlenen aan het concurrentiebeding. Wel wordt het concurrentiebeding gematigd van één jaar naar een half jaar. Niet omdat het beding te ruim is geformuleerd of omdat hij bij de concurrent meer kan verdienen, maar omdat na een half het te beschermen bedrijfsdebiet (met name het bijzondere computersysteem dat wordt gehanteerd) wel veranderd zal zijn. Tot slot heeft de werknemer nog verzocht om hem een vergoeding als bedoeld in artikel 7:653 lid 5 BW toe te kennen voor de duur dat het concurrentiebeding is geschorst, maar ook daar ziet de rechter terecht geen enkele aanleiding voor.

Het komt niet vaak voor dat een rechter van oordeel is dat een concurrentiebeding wordt overtreden, maar in dit geval is dit een goed gemotiveerde en meer dan terechte uitspraak.

Heeft u vragen over het concurrentiebeding en de reikwijdte ervan? Neem gerust contact met mij op.

Maud de Bruijn

Next Post Previous Post