Bij beschikking van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de rechter, afhankelijk van de omstandigheden van het geval, het recht op een werkloosheidsuitkering (hierna: de WW-uitkering) in mindering kan brengen op de billijke vergoeding die wordt toegekend aan de werknemer na ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever (link).
De werkneemster (verzoekster tot cassatie) trad in 2018 in dienst bij de werkgeefster (verweerster in cassatie) als klinisch chemicus. De kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst wegens een verstoorde arbeidsverhouding. Omdat deze ontbinding het gevolg was van ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever, kende de kantonrechter aan de werkneemster een billijke vergoeding toe van € 443.916 bruto, overeenkomend met drie jaarsalarissen. De werkgeefster stelde in hoger beroep onder meer dat de door de kantonrechter vastgestelde billijke vergoeding te hoog was, omdat ten onrechte geen rekening was gehouden met het recht van de werkneemster op een WW uitkering gedurende 24 maanden. Het hof stelt de werkgeefster op dit punt in het gelijk, en overweegt dat het maximum dagloon van de WW-uitkering (ruim €103.000 bruto over twee jaar) in mindering dient te worden gebracht op de billijke vergoeding.
In cassatie komt de werkneemster op tegen de overweging van het hof dat de WW-uitkering in mindering dient te worden gebracht op de billijke vergoeding. De Hoge Raad gaat hier niet in mee.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de billijke wijze op een juiste manier heeft begroot. Het hof heeft de financiële gevolgen van het einde van het dienstverband voor de werkneemster vastgesteld en rekening gehouden met de tijd dat de arbeidsovereenkomst waarschijnlijk nog zou hebben voortgeduurd als deze niet zou zijn ontbonden. Het hof heeft de inkomsten die de werkneemster als alternatief zou kunnen werven (de WW-uitkering) op de gederfde inkomsten uit het dienstverband verband in mindering gebracht. Bij het bepalen van de hoogte van de billijke vergoeding dient de rechter namelijk niet alleen rekening te houden met de nadelen (zoals het verlies van loon), maar ook de eventuele voordelen (zoals een WW-uitkering) van de beëindiging van het dienstverband. Dit betekent niet dat de WW-uitkering in alle gevallen in mindering kan worden gebracht op de billijke vergoeding, dat is afhankelijk van andere omstandigheden die relevant zijn bij het vaststellen van de vergoeding. Hierbij kan bijvoorbeeld meewegen of de werknemer wordt benadeeld in mogelijke toekomstige WW-rechten.
Opmerking
Indien de rechter de arbeidsovereenkomst ontbindt wegens ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever (artikel 7:671b lid 1 onder en lid 10 onder b BW) kan hij een billijke vergoeding toekennen aan de werknemer. Deze vergoeding dient ter compensatie voor het ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever. Bij de begroting van de billijke vergoeding maakt de rechter een hypothetische gevalsvergelijking van de inkomenspositie van de werknemer tussen enerzijds de financiële situatie waarin de werknemer zich zou bevinden indien de werkgever niet ernstig verwijtbaar gehandeld of nagelaten zou hebben en anderzijds de situatie waarin de werknemer zich thans bevindt, namelijk geconfronteerd met een ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst als gevolg van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten door de werkgever. De rechter kan een billijke vergoeding toekennen wanneer de arbeidsovereenkomst is beëindigd vanwege het ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever en biedt de werknemer een compensatie voor het ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever. De billijke vergoeding moet worden begroot op een wijze die aansluit bij de omstandigheden van het geval en in de motivering moet inzichtelijk worden gemaakt welke omstandigheden tot de vastgestelde hoogte van de vergoeding hebben geleid. De rechter bepaalt de inkomsten die de werknemer zou hebben genoten als het dienstverband niet door toedoen van het ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever was beëindigd (bijvoorbeeld de inkomsten uit loon).
Auteur: Justine Plat