Zieke werknemer bouwt ook na stop van loondoorbetalingsplicht vakantiedagen op

Esmeralda de Jongh

Feiten
Werknemer is sinds 6 november 1995 in dienst bij Wega op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Nadat hij op 19 april 2019 en motorongeluk heeft gehad, meldt hij zich bij Wega ziek. Na twee jaar ziekte oordeelt het UWV dat Wega niet heeft voldaan aan de re-integratieverplichtingen, waardoor de loondoorbetaling wordt verlengd tot 1 maart 2024. Per 1 maart 2024 ontvangt werknemer een IVA-uitkering. De gemachtigde van werknemer verzoekt Wega per e-mail van 11 juni 2024 vergeefs mee te werken aan de beëindiging van het dienstverband onder betaling van de transitievergoeding en de eindafrekening. Wega betaalt daarop enkel het vakantiegeld uit.

De werknemer verzoekt de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met toekenning van een schadevergoeding gelijk aan de wettelijke transitievergoeding en uitbetaling van niet-genoten vakantiedagen. Aan het verzoek heeft werknemer het volgende ten grondslag gelegd. Hij is volledig en duurzaam arbeidsongeschikt, waardoor er geen enkele kans is op herstel dan wel terugkeer in de bedongen arbeid dan wel in aangepaste arbeid bij Wega. Werknemer heeft er dan ook belang bij dat het slapende dienstverband wordt beëindigd. Wega weigert haar medewerking daaraan te verlenen, terwijl zij geen gerechtvaardigd belang heeft bij instandhouding van de arbeidsovereenkomst. Zij schendt daarmee de norm van goed werkgeverschap, daarom geeft werknemer aan recht te hebben op een schadevergoeding gelijk aan de wettelijke transitievergoeding.

Oordeel kantonrechter
Er staat onbetwist vast dat sprake is van een slapend dienstverband wat maakt dat de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve moet eindigen. Dat de werknemer aanspraak maakt op een vergoeding ter hoogte van de transitievergoeding staat ook niet ter discussie. Uit de Xella-uitspraak volgt dat indien is voldaan aan de vereisten voor beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens langdurige arbeidsongeschiktheid, als uitgangspunt geldt dat een werkgever op grond van goed werkgeverschap in de zin van artikel 7:611 BW, gehouden is in te stemmen met een voorstel van de werknemer tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden, onder toekenning van een vergoeding aan de werknemer ter hoogte van de wettelijke transitievergoeding. Daarbij geldt dat die vergoeding niet meer behoeft te bedragen dan wat aan transitievergoeding verschuldigd zou zijn bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst op de dag na die waarop de werkgever deze vanwege arbeidsongeschiktheid zou kunnen (doen) beëindigen. De duur van de arbeidsovereenkomst wordt dus fictief bekort. In dit geval tot 1 maart 2024, de dag waarop de loondoorbetalingsverplichting stopte en werknemer een IVA-uitkering ontving.

Partijen waren in deze uitspraak verdeeld over de vraag of Wega nog opgebouwde maar niet-genoten vakantiedagen over de periode vanaf de datum dat de loondoorbetalingsverplichting is gestopt en werknemer een IVA-uitkering ontving, aan werknemer moet uitbetalen.

Volgens de Nederlandse wet (artikel 7:634 lid 1 BW) worden vakantiedagen alleen opgebouwd over de arbeidsduur waarover de werknemer loon ontvangt. De werknemer had na 1 maart 2025 geen aanspraak meer op loon, wat zou betekenen dat hij geen vakantiedagen meer heeft opgebouwd vanaf deze periode. In de literatuur is echter terecht opgemerkt dat dit in strijd met artikel 7 lid 1 Richtlijn 2003/88/EG en met rechtspraak van het Europese Hof van Justitie. Ook biedt artikel 31 lid 2 Handvest van de grondrechten van de Europese Unie uitkomst. Het Hof van Justitie heeft i n het Max Planck-arrest geoordeeld dat, ingeval een nationale regeling niet op een zodanige manier kan worden uitgelegd dat zij verenigbaar is met artikel 31 lid 2 Handvest, het aan de rechter is om binnen het kader van zijn bevoegdheden de rechtsbescherming te verzekeren die voortvloeit uit die bepaling en de volle werking daarvan te waarborgen door, zo nodig, de nationale regeling die daarmee strijdig is buiten toepassing te laten. Met andere woorden: dat een werknemer alleen vakantie-uren opbouwt over de tijd waarin hij aanspraak heeft op loon, is in strijd met Europees recht. Zieke werknemers bouwen de gehele ziekteperiode, en niet alleen de eerste twee jaren, volledig vakantie-uren op, ongeacht of zij arbeid verrichten en ongeacht of zij recht hebben op loon. Toepassing van dit juridisch kader leidt tot het oordeel van de kantonrechter dat artikel 7:634 BW buiten toepassing moet worden gelaten. Dit betekent dat Wega in beginsel is gehouden tot uitbetaling van de door werknemer opgebouwde, maar niet-genoten vakantiedagen tot het einde van de arbeidsovereenkomst, ongeacht de omstandigheid dat werknemer sinds 1 maart 2024 geen loon meer ontvangt.

Geluid vanuit de politiek
Naar aanleiding van deze uitspraak zijn er Kamervragen gesteld aan demissionair minister Paul van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De minister geeft aan dat het Nederlandse wetsartikel niet in strijd zou zijn met Europese regels en rechtspraak en dat de vakantieopbouw dus ‘gewoon’ stopt na het eindigen van de loondoorbetalingsplicht bij ziekte (doorgaans na 104 weken), ook als de werknemer slapend in dienst blijft. Ook de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie leidt volgens de minister niet tot een ander oordeel. De jurisprudentie van het Hof heeft vooral betrekking op het behoud en de opname van reeds opgebouwde vakantiedagen, niet op de verdere opbouw tijdens langdurige ziekte zonder loonbetaling. Het doel van vakantie, zo stelt de minister, is rust en herstel na verrichte arbeid, en dat impliceert dat er voorafgaand aan de vakantie werk is verricht.

De minister benadrukt vervolgens dat de uitspraak van de kantonrechter vooralsnog op zichzelf staat en onvoldoende concrete aanknopingspunten biedt om te concluderen dat de Nederlandse wet niet in lijn is met het Europees recht. Het kabinet is dan ook (nog) niet van plan om de wet aan te passen.

U leest de uitspraak hier.

Auteur: Esmeralda de Jongh

Deze website gebruikt functionele en analytische cookies.  Lees verder