Feiten
Werkneemster is per 2005 in dienst getreden bij Stichting ROC Mondriaan (hierna: ROC Mondriaan) als docente. Door al langer bestaande medische beperkingen kan zij geen fysiek les geven. Op 25 oktober 2021 is werkneemster ziek uitgevallen als gevolg van een coronabesmetting. In mei/juni 2022 heeft ROC Mondriaan besloten te stoppen met online onderwijs, waardoor de functie van E-docent is komen te vervallen. Op 5 oktober 2022 heeft het UWV op verzoek van werkneemster een deskundigenoordeel afgegeven over de vraag of ROC Mondriaan voldoende doet om haar weer aan het werk te helpen. Het UWV heeft geconcludeerd dat de re-integratie-inspanningen van ROC Mondriaan tot 13 september 2022 onvoldoende zijn, omdat hoewel sinds mei/juni 2022 sprake is van enige belastbaarheid, werkneemster geen werkzaamheden verricht en ook geen concreet uitzicht heeft op werk en ROC Mondriaan geen concrete acties heeft ondernomen. Op 15 mei 2023 heeft het UWV op verzoek van werkneemster opnieuw een deskundigenrapport uitgebracht. Hierin heeft het UWV geoordeeld dat de re-integratie-inspanningen van ROC Mondriaan in de periode van 13 september 2022 tot 12 april 2023 onvoldoende zijn geweest. Aan dit oordeel ligt ten grondslag dat (1) werkneemster sinds februari 2022 belastbaar is voor re-integratie, maar de op re-integratiegerichte (overbruggende) werkzaamheden pas in februari 2023 zijn begonnen, waardoor mogelijk re-integratiekansen zijn gemist, (2) het arbeidsdeskundig onderzoek na het eerste ziektejaar te laat is afgerond en ROC Mondriaan niet inzichtelijk heeft gemaakt of er herplaatsingsmogelijkheden zijn binnen de functiereeksen die de arbeidsdeskundige heeft genoemd en evenmin of er specifieke functies binnen de eigen organisatie zijn die geschikt (te maken) zouden kunnen zijn en (3) het tweede spoor te laat is gestart, er nog geen zoekprofiel is opgesteld en er niet actief is bewogen naar de arbeidsmarkt. In de loop van haar tweede ziektejaar is werkneemster door haar leidinggevende, ingezet op het project Datarijk Werken. Het project zou lopen tot het einde van het schooljaar 2023-2024. Op 21 augustus 2023 is werkneemster door haar leidinggevende van het project gehaald en naar huis gestuurd, omdat zij in weerwil van instructies een openbaar rapport van de Onderwijsinspectie integraal had meegestuurd met een analyserapport over Datarijk Werken naar de stuurgroep. Aan het einde van het tweede ziektejaar heeft werkneemster een WIA-uitkering aangevraagd. Het UWV heeft op 7 september 2023 aan ROC Mondriaan een loondoorbetalingssanctie opgelegd tot 7 november 2024, omdat zij onvoldoende heeft gedaan om werkneemster te re-integreren. De aanvraag voor een WIA-uitkering is daarom niet in behandeling genomen. Op 19 september 2023 heeft de bedrijfsarts naar aanleiding van een spreekuurcontact met werkneemster aan het ROC teruggekoppeld dat de re-integratie is onderbroken en werkneemster momenteel niet werkt als gevolg van spanningen in de arbeidsrelatie. De bedrijfsarts heeft geadviseerd dat de leidinggevende en werkneemster gaan bekijken wat nodig is om de arbeidsrelatie te herstellen, zo nodig door begeleiding, bemiddeling of mediation. Op 16 april 2024 heeft (de gemachtigde van) werkneemster ROC Mondriaan erop gewezen dat werkneemster nog steeds niet als voorrangskandidaat is aangemeld, inmiddels weer arbeidsgeschikt is voor re-integratiewerkzaamheden en nog altijd een contact- en bezoekverbod heeft, ondanks de uitspraak van de Commissie van Beroep mbo. ROC Mondriaan is daarbij een termijn gesteld om te bevestigen dat het contact- en bezoekverbod is opgeheven. Verder heeft van werkneemster aangegeven dat, ondanks eerdere afspraken, haar terugkeer door ROC Mondriaan op alle mogelijke manieren wordt bemoeilijkt. Sinds zij in augustus 2023 naar huis is gestuurd, heeft werkneemster geen andere passende werkzaamheden aangeboden gekregen voor een structurele re-integratie. Op 10 juni 2024 heeft werkneemster ROC Mondriaan in kort geding gedagvaard en, na eisvermindering, gevorderd om, voor zover relevant, weer toegelaten te worden tot de locaties van ROC Mondriaan en de Teams-omgeving, te bepalen dat het verbod om contacten te onderhouden en te communiceren met andere medewerkers is opgeheven en in de gelegenheid gesteld te worden te re-integreren in de werkzaamheden die horen bij de functie van loopbaanadviseur. Op 12 juli 2024 heeft het UWV op verzoek van werkneemster een deskundigenoordeel afgegeven over de passendheid van de functies loopbaanadviseur en doorstroomcoach. Het UWV heeft geoordeeld dat deze functies weliswaar passen bij de bekwaamheden van werkneemster, maar niet passen bij haar functionele mogelijkheden omdat de belastbaarheid van werkneemster op een aantal punten wordt overschreden. Op 4 november 2024 is afgesproken dat werkneemster per 11 november 2024 zal re-integreren op de school voor Bouw & Infra, te beginnen met twee uur per week. Bij beslissing van 26 november 2024 heeft het UWV werkneemster met ingang van 31 oktober 2024 een WIA-uitkering toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 73,35%. Bij beslissing van 11 april 2025 heeft het UWV aan ROC Mondriaan toestemming verleend voor opzegging van de arbeidsovereenkomst tussen partijen. ROC Mondriaan heeft de arbeidsovereenkomst hierna opgezegd per 1 juni 2025. Werkneemster verzoekt veroordeling van ROC Mondriaan tot betaling van een billijke vergoeding van € 186.000. Werkneemster stelt dat ROC Mondriaan ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door niet aan haar re-integratieverplichtingen te voldoen. Werkneemster verzoekt veroordeling van ROC Mondriaan tot betaling van een billijke vergoeding van € 186.000. Werkneemster stelt dat ROC Mondriaan ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door niet aan haar re-integratieverplichtingen te voldoen.
Wat oordeelde de kantonrechter?
De kantonrechter is van oordeel dat de feiten en omstandigheden over de periode vanaf 25 oktober 2021, in onderlinge samenhang bezien, tot de conclusie leiden dat ROC Mondriaan haar re-integratieverplichtingen jegens werkneemster in ernstige mate heeft veronachtzaamd. Gedurende het gehele re-integratietraject heeft ROC Mondriaan herhaaldelijk nagelaten de verplichtingen na te komen die zij als werkgever had terwijl de belastbaarheid van werkneemster op meerdere momenten concrete aanknopingspunten bood om de re-integratie voort te zetten of nieuw leven in te blazen. Door deze kansen telkens onbenut te laten, heeft ROC Mondriaan structureel gefaald in haar verantwoordelijkheid als werkgever. Dat maakt de veronachtzaming naar het oordeel van de kantonrechter ernstig verwijtbaar. Uit het dossier blijkt naar het oordeel van de kantonrechter voldoende dat de hiervoor genoemde aan ROC Mondriaan te wijten gedragingen ertoe hebben geleid dat werkneemster niet binnen drie jaar ziekte kon re-integreren, als gevolg waarvan de arbeidsovereenkomst is opgezegd. Er wordt een billijke vergoeding van € 186.000 bruto toegewezen. De vergelijking van het in de hypothetische situatie zonder ernstig verwijtbaar handelen of nalaten en de situatie zoals die nu is, resulteert in een inkomensverlies van €248.124,58 bruto. De kantonrechter acht het, gezien de onzekerheden in de toekomstige ontwikkelingen, niet billijk om dit bedrag integraal toe te wijzen. Ook wordt ROC Mondriaan veroordeeld tot de betaling van het achterstallig loon.
U leest de uitspraak hier.
Auteur: Esmeralda de Jongh