Wekelijkse signalering

Van den Brekel Advocaten volgt de ontwikkelingen binnen het arbeids-, ambtenaren- en aansprakelijkheidsrecht op de voet. Een actuele gebeurtenis op één van deze vakgebieden wordt wekelijks door één van onze juristen besproken. Dit kan een opmerkelijke uitspraak zijn, maar ook een interessant artikel in een vakblad of een treffend nieuwsbericht. Lees hieronder de wekelijkse signaleringen.
De kantonrechter heft de schorsing van een ambtenaar wegens vermeend ongepast gedrag op
In een kort gedinguitspraak van 4 februari 2026 oordeelde de kantonrechter dat de gemeente een ambtenaar ten onrechte heeft geschorst naar aanleiding van een vermoeden van ongewenst gedrag.

De ambtenaar werkte van 1 december 2023 tot 1 maart 2025 als waarnemend locatiehoofd Gemeente Opvang Oekraïne en had daarbij rechtstreeks contact met bewoners van de opvang. Daarna keerde hij terug in de functie van Specialist Inkomen. ...

Ziek in het buitenland: mag de werkgever verlangen dat de werknemer fysiek op het spreekuur bij de bedrijfsarts in Nederland verschijnt?
Op 20 november 2024 is de werknemer voor de duur van één jaar in dienst getreden bij Concentrix. Op 21 december 2023 vertrok de werknemer naar Portugal vanwege een noodgeval rondom zijn stervende hond die door zijn moeder werd verzorgd. Concentrix kende hem twee dagen calamiteitenverlof toe. Op 24 december 2023 overleed de hond. De volgende dag meldde de werknemer zich ziek met fysieke en psychische klachten. Een Portugese arts verklaarde hem arbeidsongeschikt en adviseerde reizen tijdelijk te vermijden. Op 4 januari 2024 informeerde de werknemer Concentrix dat hij op advies van de dokter met een therapietraject voor de duur van één maand is gestart in Portugal. Op 23 januari 2024 vond een digitaal spreekuur met de bedrijfsarts plaats. De bedrijfsarts adviseerde een time-out van minimaal vier weken. Er was geen reisbeperking en de werknemer diende zijn behandeling in Nederland voort te zetten. De werknemer verzocht herhaaldelijk om een second opinion. Deze verzoeken werden door de arbodienst afgewezen. Na een digitaal consult met de bedrijfsarts op 27 februari 2024, herhaalde de bedrijfsarts het advies tot fysieke terugkeer naar Nederland en het ontbreken van een reisbeperking. Op 21 maart 2024 kondigde Concentrix een loonstop aan. Op 3 april 2024 raakte de werknemer betrokken bij een motorongeluk in Portugal, waarna hij opnieuw Portugese arbeidsongeschiktheidscertificaten overlegde. De volgende dag meldde hij bij Concentrix dat hij pijnklachten had en overlegde daarbij een doktersverklaring. De werknemer werd opgeroepen voor een fysiek consult bij de bedrijfsarts op 30 april 2024. Op 17 april 2024 verzocht de werknemer om een digitaal consult. ...

Ontbinding op de h-grond van arbeidsovereenkomst van werknemer die al negen maanden niet te werk kan worden gesteld nadat opdrachtgever niet met hem verder wilde
Werkgeefster is een technologiebedrijf dat zich bezig houdt met het leveren van IT-diensten en oplossingen aan opdrachtgevers. Wereldwijd werken circa 250.000 mensen bij werkgeefster. Werknemers van werkgeefster werken bij opdrachtgevers. Als de opdracht eindigt gaan werkgeefster en de werknemer gezamenlijk op zoek naar een nieuwe opdracht. Zolang de werknemer niet is geplaatst op een volgende opdracht, ‘zit hij op de bank’ en wordt zijn loon met emolumenten doorbetaald. Werknemer is sinds 1 september 2022 in dienst bij werkgeefster. Na indiensttreding is werknemer direct geplaatst bij bedrijf A, een belangrijke opdrachtgever van werkgeefster. Werknemer heeft tot maart 2025 bij bedrijf A gewerkt. Sindsdien zit werknemer ‘op de bank’. ...

Een tweedeling in de rechtspraak: worden er na 104 weken arbeidsongeschiktheid vakantiedagen opgebouwd?
In 2025 schreef mijn collega Esmeralda de Jongh een signalering over de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 12 augustus 2025 waarin is geoordeeld dat het is in strijd is met Europees recht dat de werknemer in Nederland alleen vakantie-uren opbouwt over de tijd waarin hij aanspraak heeft op loon. Zieke werknemers bouwen de gehele ziekteperiode, en niet alleen de eerste twee jaren, volledig vakantie-uren op, ongeacht of zij arbeid verrichten en ongeacht of zij recht hebben op loon. Voor deze uitspraak was de heersende leer dat een zieke werknemer alleen de eerste twee jaar volledige vakantie-uren opbouwen. Heeft deze uitspraak een andere wind doen waaien? ...

Door ernstig verwijtbaar handelen van de gemeente is de arbeidsrelatie met de werknemer ernstig en duurzaam verstoord: billijke vergoeding van €120.000,- bruto.
De werknemer is sinds 1 januari 2007 werkzaam bij de gemeente. De werknemer is in de uitvoering van zijn functie verantwoordelijk voor het dagelijks beheer van de ambtelijke organisatie. Daarnaast vervult de werknemer een andere functie binnen de organisatie. Bij de start van de bestuursperiode in 2022 is geconstateerd dat het wenselijk is dat de ambtelijke organisatie tegen het licht zou worden gehouden. Daarvoor is een adviesbureau ingeschakeld. Uit het adviesrapport van 14 juli 2023 volgde dat het adviesbureau heeft geconstateerd dat de rol en de bevoegdheid van de coördinator/senior onduidelijk is en dat de taken van de werknemer en de afdelingshoofden fors zijn. Er zijn twee scenario’s geschetst waarin de organisatie wel toekomstbestendig zal zijn. Op 13 februari 2024 nam de werknemer een principebesluit om de bestaande platte organisatiestructuur en de eenhoofdige leiding te handhaven, hetgeen hij in mei 2024 omzette naar een definitief besluit. In maart 2025 nam de werknemer een nieuw principebesluit over de verdeling van afdelingen, dat eveneens uitging van voortbouw op de bestaande structuur. Hierop uitte onder andere de ondernemingsraad kritiek. Ook het college heeft aangegeven zich zorgen te maken. De werknemer zette zijn principebesluit op 11 juni 2025 ongewijzigd om in een definitief besluit. ...

Een gedeeltelijke transitievergoeding van 75% ontvangen, hoe kan dat?
Werkneemster werkte sinds 1 juli 2001 bij de Gemeente en werkte op de griffie van de gemeente. Begin 2025 is intern onderzoek gedaan naar het handelen van de griffie. De bevindingen van het interne onderzoek hebben een onthutsend beeld geschetst. Zo zou er sprake zijn van onregelmatigheden bij declaraties van onder andere reiskosten en overuren, buitensporige promoties en een onwenselijke vorm van bejegening naar en belasting van de ambtelijke organisatie door de griffiemedewerkers, waaronder dus werkneemster. ...

De Hoge Raad oordeelt dat bij het bepalen van de billijke vergoeding rekening mag worden gehouden met de mogelijke WW-uitkering
Bij beschikking van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de rechter, afhankelijk van de omstandigheden van het geval, het recht op een werkloosheidsuitkering (hierna: de WW-uitkering) in mindering kan brengen op de billijke vergoeding die wordt toegekend aan de werknemer na ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever.

De werkneemster (verzoekster tot cassatie) trad in 2018 in dienst bij de werkgeefster (verweerster in cassatie) als klinisch chemicus. De kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst wegens een verstoorde arbeidsverhouding. Omdat deze ontbinding het gevolg was van ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever, kende de kantonrechter aan de werkneemster een billijke vergoeding toe van € 443.916 bruto, overeenkomend met drie jaarsalarissen. De werkgeefster stelde in hoger beroep onder meer dat de door de kantonrechter vastgestelde billijke vergoeding te hoog was, omdat ten onrechte geen rekening was gehouden met het recht van de werkneemster op een WW uitkering gedurende 24 maanden. Het hof stelt de werkgeefster op dit punt in het gelijk, en overweegt dat het maximum dagloon van de WW-uitkering (ruim €103.000 bruto over twee jaar) in mindering dient te worden gebracht op de billijke vergoeding. ...

Trainer verrichtte werkzaamheden op basis van vrijwilligersvergoedingen. Geen sprake van een arbeidsovereenkomst wegens ontbreken van elementen van gezag en loon
Werknemer is per 1 augustus 2015 op basis van een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor de duur van tien maanden in dienst getreden bij werkgever, in de functie van trainer/coach, tegen een salaris van €450 netto per maand. In de arbeidsovereenkomst is opgenomen dat deze van rechtswege zou eindigen op 31 mei 2016, met de intentie van partijen om nadien een nieuwe arbeidsovereenkomst aan te gaan. In een e-mail van 18 augustus 2022 heeft de voorzitter van werkgever aan werknemer meegedeeld dat hij voor het seizoen 2022-2023 een maximale vrijwilligersvergoeding van € 1.800 zou ontvangen, uit te betalen in maandelijkse termijnen. Werknemer heeft daarop per e-mail van 20 augustus 2022 gereageerd en zich op het standpunt gesteld dat zijn werkzaamheden en verantwoordelijkheden niet passen bij de maximale vrijwilligersvergoeding. Op 15 november 2022 hebben partijen een document ondertekend waarin afspraken zijn vastgelegd over betalingen aan werknemer voor het seizoen 2022-2023 en een nabetaling over het seizoen 2021-2022. In de periode 2020 tot en met 2023 heeft werkgever diverse bedragen aan werknemer betaald; in 2024 en 2025 zijn geen betalingen verricht. In september 2024 hebben partijen opnieuw contact gehad over het verrichten van trainerswerkzaamheden. ...

Vernietiging van de arbeidsovereenkomst, dan wel een ontslag op staande voet wegens cocaïnegebruik door de werknemer. Houdt de vernietiging, dan wel het ontslag stand?
Werknemer is op 1 augustus 2024 bij werkgever in dienst getreden. Sinds februari 2025 is werknemer arbeidsongeschikt. In juli 2025 is werkgever erachter gekomen dat werknemer verslaafd is aan cocaïne. Volgens werkgever was hij dat al toen hij in dienst kwam. Ze vindt dat werknemer dat had moeten melden. Ze heeft daarom op 22 juli 2025 de arbeidsovereenkomst vernietigd, op basis van (primair) bedrog, of (subsidiair) dwaling en werknemer (meer subsidiair) op staande voet ontslagen. ...

Een door de werkgever verplichte opleiding wordt aangemerkt als noodzakelijke scholing en moet kosteloos worden aangeboden. Het studiekostenbeding is daarom nietig
Met ingang van 1 september 2022 treedt werkneemster bij werkgever in dienst voor de bepaalde tijd van één jaar in de functie van doktersassistente in opleiding. Naast de arbeidsovereenkomst sluiten partijen een studieovereenkomst. Artikel 1 van deze overeenkomst luidt: “De werkgever verstrekt aan de werknemer betaald studieverlof en een tegemoetkoming in de studiekosten, voor de opleiding tot doktersassistente inclusief persoonlijke training met inachtneming van artikel 6.3 en artikel 6.4 van de cao”. Artikel 3 van deze overeenkomst bepaalt dat de hoogte van de tegemoetkoming 100% van de gemaakte kosten betreft. Artikel 4 van deze overeenkomst betreft een terugbetalingsregeling met betrekking tot de tegemoetkoming. Werkneemster start de opleiding tot doktersassistente en ontvangt coaching. De daarmee samenhangende kosten worden door werkgever betaald. Op 17 september 2022 volgt werkneemster buiten werktijd een triagecursus van 09:30 tot 16:30 uur. Artikel 6.3 sub d van de cao Huisartsenzorg bepaalt dat scholing buiten werktijd wordt betaald of gecompenseerd in tijd. Op 29 juni 2023 bevestigt werkgever aan werkneemster dat de arbeidsovereenkomst na 31 augustus 2023 niet zal worden voortgezet. De betaalde studiekosten zullen worden verhaald op werkneemster op de wijze zoals in de studieovereenkomst is vastgelegd. Werkneemster vordert dat werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de kosten van de opleiding en coaching en daarbij de in eigen tijd gemaakte scholingsuren. ...

Kantonrechter past de i-grond ambtshalve toe
Werknemer is op 8 april 2024 in dienst getreden bij Valid Infra Pro’s B.V. (hierna: Valid Infra), laatstelijk gedetacheerd bij Valid Managed Services B.V. (hierna: Valid Managed) als klantteam C-4 Managed Services.

De reden voor de detachering was dat bij Valid Infra onvoldoende werk voorhanden was voor werknemer. Deze detachering was ook ingegeven met het oog op de aanstaande overgang van onderneming. Op 1 juni 2025 zijn namelijk de activiteiten van Valid Infra overgegaan naar Valid Managed. Vanwege deze overgang van onderneming zijn alle rechten, verplichtingen en medewerkers van Valid van rechtswege overgegaan naar Valid Managed. Met ingang van 1 juni 2025 is werknemer in dienst van Valid Managed. Op 16 mei 2025 heeft de leidinggevende in een gesprek het (onvoldoende) functioneren van werknemer ter sprake gebracht. Mede gelet op de ingenomen houding en het vertoonde gedrag van werknemer tijdens dat gesprek, heeft op 21 mei 2025 nogmaals een gesprek plaatsgevonden. Toen is weer het functioneren aan de orde gesteld en ook heeft werknemer op dat moment een officiële waarschuwing ontvangen voor zijn gedrag tijdens het gesprek van 16 mei 2025. Valid Managed heeft deze waarschuwing schriftelijk bevestigd op 22 mei 2025....

Ontbinding arbeidsovereenkomst, maar vanwege ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever volgt een billijke vergoeding van €170.000,-
In de zaak bij het hof Arnhem-Leeuwarden van 22 december 2025 speelde het volgende (link). De werknemer was in dienst bij (de rechtsvoorganger van) de werkgever in de functie van Materials Supports Officer sinds 9 september 1991. In de jaren 2019 tot en met 2022 werd zijn functioneren met een ‘C’ beoordeeld, wat betekende dat hij voldeed aan het merendeel van de verwachtingen en eisen en het functioneren als goed werd beoordeeld. Op 20 april 2023 kreeg de werknemer voor het eerst een onvoldoende beoordeling (‘B’), wat betekende dat het functioneren onvoldoende en verbetering noodzakelijk was. De werkgever gaf daarbij aan dat de communicatie beter moest. Op 17 augustus 2023 werd een verbeterplan opgesteld, waarna de werknemer in de periode augustus 2023 tot 1 april 2024 een verbetertraject doorliep. Dit traject werd afgesloten met opnieuw een onvoldoende beoordeling. De werkgever gaf aan voldoende vertrouwen te hebben in verbetering en het dienstverband niet te willen doorzetten. Partijen hebben toen onderhandeld over de beëindiging van het dienstverband, zonder succes. De werkgever heeft toen een ontbindingsverzoek ingediend bij de rechtbank, dat de kantonrechter bij beschikking van 9 april 2025 werd afgewezen. Daarop heeft de werkgever hoger beroep ingesteld verzocht het hof de arbeidsovereenkomst alsnog te ontbinden, primair wegens disfunctioneren of een verstoorde arbeidsverhouding, subsidiair wegens de combinatiegrond (de I-grond). ...